Bestudeer de volgende Kennisbankitems.
Maak de volgende opgaven.
Een leraar gebruikt bij het berekenen van de `"cijfers"` voor een proefwerk de volgende formule:
`"cijfer" = ("punten")/5 + 1`
Bekijk de tabel
Welke getallen moeten op de plaatsen a en b worden ingevuld?
a = b =
Een kaars van `24 "cm"` wordt aangestoken.Ieder uur dat de kaars brandt, wordt de kaars `3 "cm"` korter.Er is een lineair verband tussen de `"lengte"` (in `"cm"`) van de kaars en de `"brandtijd"` in uren.
Welke formule past bij dit verband?
`"lengte"` = `24` - `3` `xx` `"brandtijd"`
`"lengte"` = `24` + `3` `xx` `"brandtijd"`
`"lengte"` = `3` - `24` `xx` `"brandtijd"`
De `"ritprijs"` die een taxibedrijf rekent, hangt af van het `"aantal km"` van de rit.Bekijk de tabel.
Welke formule past bij de tabel?
`"ritprijs"` = `3` `xx` `"afstand"` + `2`
`"ritprijs"` = `2` `xx` `"afstand"` + `3`
`"ritprijs"` = `6` `xx` `"afstand"` + `2`
`"ritprijs"` = `6` `xx` `"afstand"` + `3`
Een leraar gebruikt bij het berekenen van de `"cijfers"` voor een proefwerk het volgende rekenschema:
`"aantal punten"` → + `4` → : `4` → `"cijfer"`
Bereken het `"cijfer"` dat hoort bij `20` punten.
`"cijfer"` =
`"aantal punten"` → : `4` → + `1` → `"cijfer"`
Welke formule past bij dit rekenschema?
`"cijfer" = "aantal punten" : 4 + 1`
`"cijfer" = ("aantal punten" + 1) : 4`
`"aantal punten" = "cijfer" : 4 + 1`
`"aantal punten" = ("cijfer" + 1) : 4`
Geef hieronder aan welke onderdelen bij het afdrukken of exporteren meegenomen dienen te worden.