Bestudeer de volgende Kennisbankitems.
Maak de volgende opgaven.
Iedere vlieger heeft twee symmetrie-assen.
Waar
Niet waar
Iedere ruit heeft vier symmetrieassen.
Bekijk vierhoek `"ABCD"`.
Lijnstuk `"BD"` deelt hoek `"B"` in twee delen.
`"∠A"` `= 82`° en `"∠B"_1 = 32`°.Bereken `"∠C"`.
`"∠B"_2 =` °
Bekijk de figuur.
In parallellogram `"PQRS"` is hoogtelijn `"ST"` getekend.`"PT"` = `6`, `"TQ"` = `4` en `"ST"` = `7`.Bereken de `"oppervlakte"` van het parallellogram.
Vul in: `"oppervlakte PQRS"` =
Bekijk het figuur.In het assenstelsel is parallellogram `"ABCD"` getekend.Bereken de `"oppervlakte"` van het parallellogram.
Vul in: `"oppervlakte ABCD"` =
Lijnstuk `"BD"` deelt hoek `"B"` in twee delen (hoek `"B"_1` en hoek `"B"_2`).
Hoek `"D"` in driehoek `"DBC"` is even groot als hoek `"B"_1`, want ...
het zijn `"F"`-hoeken.
het zijn `"Z"`-hoeken.
Geef hieronder aan welke onderdelen bij het afdrukken of exporteren meegenomen dienen te worden.